De kracht van het restafval

Op vrijdag 27 januari hield de Mechelse PVDA-afdeling haar nieuwjaarsreceptie. Dit is de integrale speech van Mechels woordvoerder Dirk Tuypens.

 

Goedenavond,

 

Het doet mij plezier om hier vanavond, in dit sfeer- en stijlvolle kader, zoveel restafval te mogen begroeten.

Want dat is de titel die de coryfeeën van het rechtse establishment in dit land ons hebben toebedacht: het restafval van de 20ste eeuw. Wel, laat ik meneer De Wever, mevrouw Rutten, meneer Torfs en alle aanverwanten meteen zeggen dat het potentieel van dat restafval bijzonder groot is. Een bevraging van VTM en HLN geeft aan dat de PVDA bij de volgende federale verkiezingen goed zou kunnen zijn voor maar liefst dertien zetels, waarvan drie in Vlaanderen. Ziedaar de kracht van het restafval.

In de voorbije maanden hebben we een merkwaardig schouwspel gezien. Het begon allemaal met de gesmaakte passage van Raoul Hedebouw in het populaire tv-programma De Slimste Mens. Dat was de aanzet voor een ware hetze tegen de PVDA. Het kot was te klein. Hoe is het toch mogelijk dat een vertegenwoordiger van die rooie rakkers zomaar op de televisie kan verschijnen? Er moest onverwijld een cordon sanitaire opgetrokken worden rond deze club linkiewinkies. 

Een hele stoet van politici, intellectuelen en opiniemakers kwamen in de kranten of op televisie aanzetten met een vlammend betoog dat de mensen moest waarschuwen tegen het nieuwe gevaar genaamd PVDA.

In al deze tirades werden tal van argumenten aangehaald om het publiek duidelijk te maken dat de PVDA een duister genootschap is dat voor de samenleving werkelijk het aller- aller- allerslechtste wat een mens zich kan inbeelden, in petto heeft. De argumenten waren over het algemeen nogal gelijklopend. Weinig originaliteit. Maar hier en daar doken er toch een paar uitspraken op die onovertroffen waren. Ik heb er een paar genoteerd die onvergetelijk zijn. 

In het tv-programma De Afspraak was professor Hendrik Vos te gast. En professor Vos sprak: “Die van de PVDA, zeker die aan Vlaamse kant, die kijken zo ernstig.” Mensen die ernstig kijken, dat weet iedereen, dat is natuurlijk oppassen geblazen. Iemand anders – ik weet niet meer wie – zei ook ergens: “Die Peter Mertens, die kijkt zoals hij werkelijk is.” God sta ons bij, iemand die kijkt zoals hij werkelijk is. Oppassen geblazen. Maar professor Vos wist ook nog het volgende te melden: “Bij de PVDA hebben ze soms nogal maffe ideeën.” Welke die ideeën dan wel waren, dat liet de professor in het midden. Enige specificatie is ook niet nodig. Iedereen weet immers: mensen met maffe ideeën, dat is oppassen geblazen. En dan was er ook Yves Petry, een gewaardeerd Vlaams schrijver. Die zei in de krant: “Die van de PVDA hebben een stalinoïde lichaamstaal.” Kijkt u dus maar eens goed om u heen, observeer aandachtig wie naast u staat, want u vertoont allemaal een stalinoïde lichaamstaal. En stalinoïde lichaamstaal, dat is natuurlijk oppassen geblazen. 

Dat alles geeft ons een mooie definitie van wat een aanhanger van de PVDA is: iemand die ernstig kijkt, kijkt zoals hij werkelijk is, met maffe ideeën en een stalinoïde lichaamstaal.

We kunnen er eens smakelijk om lachen, maar die hele mediastorm tegen de PVDA is natuurlijk intriest. Het is een golf van zure oprispingen van mensen die voelen dat hun sokken nat worden. Of om het met de gevleugelde woorden van Raoul Hedebouw te zeggen: “Ze zitten met de peut.” 

Dat mensen als De Wever, Rutten en Torfs zich zo laten kennen, is pijnlijk, maar van hen hadden we natuurlijk niet anders verwacht. Veel erger wordt het wanneer dezelfde gal ook vanuit linkse hoek wordt gespuwd. Zo vond onze groene stadsgenoot Kristof Calvo het nodig om in De Morgen zeer goedkoop uit te halen naar de PVDA. Volgens Calvo zijn we niet meer dan handelaars in oude manifesten en is ons politieke verhaal alleen een electorale strategie op korte termijn waarin de ondernemer als grote zondebok fungeert.

Merkwaardige stelling van iemand die ons probeert te verleiden met belegen concepten als patriotisme en zonder blikken of blozen verkondigt dat hij zoveel mogelijk macht wil. Maar ja, sinds Calvo geestdriftig de zijlijn fuckt, weten we natuurlijk ook dat hij een grenzeloze bewondering heeft voor mensen als Marc Coucke. U kent hem wel, een van die succesvolle zakenmannen die behoort tot het selecte clubje van steenrijke mensen dat vindt dat het zich op alle mogelijke manieren dient te onderscheiden van de “gewone” mensen. Om dat te doen betalen ze geen belastingen en kopen ze kastelen. Volgens Kristof Calvo hebben we veel meer van dit soort Couckes nodig. 

Aan meneer Calvo wil ik graag het volgende meegeven: als wij vandaag al met een manifest zwaaien, dan heet dat manifest Graailand. Dat is een gloednieuw manifest. Het gaat over de wereld van vandaag. Het telt vierhonderd bladzijden en het vertaalt op onnavolgbare wijze de verontwaardiging die bij de mensen leeft, verontwaardiging over de fundamentele onrechtvaardigheid die ingebakken zit in het beleid van onze rechtse regeringen. Ik geloof niet dat iemand Graailand ervaart als een oud en opgewarmd manifest. Het staat niet voor niets al vier weken lang op nummer één. En het is niet zomaar dat sinds het verschijnen van Graailand de nieuwe leden met tientallen tegelijk worden ingeschreven.

Wie Graailand leest, weet dat wij verdomd goede redenen hebben om ernstig te kijken. Elke bladzijde telt minstens één goede reden om de wenkbrauwen dieper te fronsen. Elke bladzijde vertelt ons dat het hoog tijd is voor consequent linkse alternatieven. 

Onze groene stadsgenoot Kristof Calvo heeft het niet zo begrepen op die consequent linkse alternatieven. Hij vindt dat we ons veel te veel bezig houden met de sociale afbraak. Hij vindt zelfs dat we daarmee het egoïsme aanwakkeren. Omdat het bij ons alleen zou gaan om het beschermen van de eigen verworvenheden en niet om samen vooruit gaan. 

Wel, meneer Calvo, ik ga hier niet elke bladzijde van Graailand voorlezen. Ik zal hier alleen een paar opmerkelijke nieuwsfeiten van de voorbije weken aanhalen. Begin januari verkondigde Bart De Wever dat er alleen in de sociale zekerheid nog veel geld te rapen valt. En hij betreurde dat de werkgeversorganisaties niet zo direct voorstanders zijn van een jacht op de langdurig zieken. Hij vindt dat de vakbonden wat dat betreft al meer dan genoeg blok aan het been zijn. Dan was er Inge Vervotte, in een vorig leven nog minister van Welzijn en vandaag directrice van de Emmaüs-groep. Die kwam ons vertellen dat de wachtlijsten in de zorgsector alleen een politiek probleem zijn, dat niet overeenkomt met een reëel probleem. Volgens haar zijn de wachtlijsten immers grotendeels bevolkt met mensen die niet echt dringend zorg nodig hebben. Lange wachtlijsten zijn dus de schuld van de mensen die erop staan. En dan was er Danny Pieters, de N-VA-specialist in sociale zekerheid. Die kwam doodleuk verkondigen dat in ons land mensen op een treffelijke manier arm kunnen zijn. Geen gezeur dus, bij ons is arm zijn ook leuk.

Zijn wij teveel bezig met de sociale afbraak? Ik denk het niet. 

Wie Graailand leest, weet dat elke zetel voor de PVDA nuttig en noodzakelijk is. Om stem te geven aan de verontwaardiging, aan het verlangen naar echte linkse alternatieven. Om in de praktijk te laten zien dat het wel degelijk mogelijk is om op een andere manier aan politiek te doen. Om te laten zien dat de term volksvertegenwoordiger nog een echte betekenis kan hebben. Om te laten zien dat politiek niet onvermijdelijk een synoniem moet zijn voor graaien. Daarom maken onze verkozenen in het parlement de uitdrukkelijke keuze om te blijven leven aan een bescheiden maandloon van zo’n 1800 euro. 

Maar niet alleen die parlementaire zetels zijn belangrijk. Ook op het lokale niveau willen we zoveel mogelijk wegen op het maatschappelijk debat. Daarom willen we bij de gemeenteraadsverkiezingen van volgend jaar in verschillende centrumsteden en gemeentes een doorbraak realiseren. Ook in Mechelen.

Ik mag hier vanavond zeggen dat de Mechelse werking van de PVDA in de voorbije vier jaar enorm is gegroeid. En ik wil iedereen die daar, op welke manier dan ook, aan meegewerkt heeft, van harte bedanken. Want zelfs met slimste mensen en auteurs van bestsellers blijft de PVDA nog altijd in de eerste plaats de partij van de gewone werkende mensen, van u en ik, van ons allemaal. En zonder de onvoorwaardelijke inzet van zoveel mensen zouden we nergens staan. Dus nog eens, aan jullie allemaal: dank u wel.

Mechelen komt tegenwoordig veel in het nieuws. En dat niet alleen in België. Mechelen wordt de jongste tijd zowat onder de voet gelopen door buitenlandse journalisten. Amerika, Engeland, Spanje, Frankrijk, Duitsland…van overal in de wereld komen ze kijken hoe hier in onze stad de dingen worden aangepakt.

Al die internationale aandacht maakt natuurlijk dat onze burgemeester een apetrots man is. Hij durft nu zelfs te beweren dat onze stad een lichtend voorbeeld is voor steden over heel de wereld. Als er iets is waar ze in Mechelen verstand van hebben, dan is het wel citymarketing. 

Bij de PVDA hier in Mechelen willen we zeker niet blind zijn voor de vooruitgang die onze stad in de voorbije jaren heeft gemaakt. Maar we gaan ook niet blindelings mee in het publicitaire hoeraverhaal dat door het stadsbestuur wordt verkondigd.

Als we dat hoeraverhaal volgen, dan lijkt het wel alsof Mechelen niet op deze planeet ligt. Alsof Mechelen een schitterende ster is ergens in a galaxy far far away. Dan lijkt het wel alsof er rond Mechelen een onzichtbaar beschermend schild is opgetrokken, waardoor deze fonkelende diamant niet geraakt kan worden door de kwade krachten die vanuit alle hoeken van het heelal proberen binnen te dringen.

Dat is natuurlijk onzin. Mechelen ligt wel degelijk op planeet Aarde. De stad wordt helemaal niet beschermd door een onzichtbaar schild. De Mechelaars worden, net als alle andere mensen in ons land, geraakt door de nefaste beslissingen die in Brussel worden genomen. Onze stad wordt bestuurd door dezelfde partijen die in Brussel het slechte weer uitmaken, en ook door een partij die in Brussel veel oppositielawaai maakt maar in Mechelen vooral uitblinkt in zwijgzaamheid.

De slogan “We zijn allemaal Mechelaars”, het promoten van de Mechelse identiteit - en misschien binnenkort ook nog het Mechels patriotisme – dat doet het misschien goed in de citymarketing, maar het kan niet verhullen dat ook in Mechelen dezelfde problemen bestaan als elders in het land. Ook hier zien we ongelijkheid, woningnood, mobiliteitsproblemen, racisme, discriminatie, armoede…

En daarom is ook hier de PVDA nodig. Daarom blijven we ook hier verdergaan op de ingeslagen weg. Daarom zullen we alles op alles zetten om volgend jaar onze plek in de gemeenteraad te veroveren. En daarbij zullen we inderdaad altijd kijken zoals we werkelijk zijn. We hebben namelijk niets te verbergen, geen geheime agenda’s, geen duistere ambities. Wij kijken door een open vizier. En onze blik vertelt niets anders dan dat een andere samenleving mogelijk is. 

 

Ik wens u een gelukkig en voorspoedig 2017!