Flexi-job is top?

Het Grondwettelijk Hof oordeelde op 28 september dat de flexi-jobs in de horeca niet onwettig zijn. Gwendolyn Rutten, voorzitter van de Open Vld, stuurde meteen een twitterbericht de wereld in met de boodschap:” Een flexi-job is top!” Het bericht kreeg veel bijval van verschillende liberale kopstukken, waaronder ook Mechels burgemeester Bart Somers.

                                                                                                                                            Dirk Tuypens

 

Een dag eerder nog zei Somers in het Vlaams Parlement: “Dankzij de Vlaamse regering komen er 66.000 jobs bij. Dat zijn 66.000 kansen om uit de armoede te geraken.” Zou hij daar de 28.000 flexi-jobs die de horeca vandaag al telt bijrekenen? Ik mag hopen van niet, want die flexi-jobs zijn niet bepaald iets om over op te scheppen. 

Flexi-jobs zijn enkel en alleen bedoeld voor mensen die al een job hebben, maar nog wat willen bijverdienen. Of beter gezegd: mensen die nog wat moéten bijverdienen. Mensen die het moeten stellen met een job die niet genoeg opbrengt om na het betalen van alle rekeningen nog een comfortabel leven te leiden. De flexi job biedt hen de mogelijkheid om in de horeca wat bij te klussen. Op wat ze daar bijverdienen, moeten ze geen sociale bijdrage betalen, de werkgever maar 25%. Lekker voordelig voor iedereen, toch?

Volgens de liberalen is zo’n flexi-job dus helemaal top. Oh ja? Een flexi-jobber tekent een raamovereenkomst waarin hij akkoord moet gaan om te werken op afroep. Hij moet komen opdraven telkens de werkgever dat nodig acht, ook al is het maar voor één uur. De flexi-jobber weet niet hoeveel uur hij zal werken en dus ook niet hoeveel hij zal verdienen. Van uurroosters is geen sprake. De werkgever is verplicht om minimaal 9.18 euro per uur te betalen, maar verder is het loon gewoon willekeurig. Geen barema’s, geen anciënniteit. Top, nietwaar?

De liberalen slaan zich op de borst: nieuwe en lekker goedkope jobs! Maar de flexi-job is in alle opzichten een vergiftigd geschenk. In een interview met de krant De Tijd zegt armoedespecialist Bea Cantillon: “Kijk naar die flexi-jobs: dat is een zuivere subsidiëring ten voordele van de werkgevers en de mensen die al werk hebben. Die jobs komen niet ten goede aan de mensen die vandaag op de bank zitten, en dus is er geen besparing in de werkloosheidsuitgaven. En die jobs zijn niet gratis, hé. Ik merk dat er aan de rechterzijde een nieuwe gratisillusie leeft. Hoera, gratis jobs! Maar wie betaalt de sociale zekerheidsbijdragen voor de bijklussers in de horeca? Wie betaalt het uitgesteld loon van die mensen: hun pensioen, hun ziektekostenverzekering, hun verzekering tegen invaliditeit en werkloosheid? Wij allemaal, inclusief de gepensioneerden en de werklozen die hun uitkeringen zullen zien dalen.”

Het gaat dus om onderbetaalde en onzekere jobs, die nog meer concurrentie betekenen voor het steeds dalende aantal normale jobs en die garant staan voor alweer een bijkomend tekort in de sociale zekerheid. Maar nu het Grondwettelijk Hof zijn zegen heeft gegeven, wil de partij van Bart Somers het systeem nog uitbreiden naar bijvoorbeeld winkels en grootwarenhuizen. En ook de gepensioneerden zullen via dit systeem ingeschakeld kunnen worden.

Dus als het van Bart Somers afhangt, worden we straks in de horecazaken en aan de kassa van de supermarkt geholpen door onze bejaarde ouders en grootouders, die er hun karige pensioentje wat kunnen aanvullen. U weet wel, dat pensioentje waaraan – ook alweer volgens die vooruitgangsoptimistische liberalen – niet geraakt zal worden. We weten ondertussen wel beter. Top allemaal, met de groeten van de Open Vld.

 


Schrijf als eerste een commentaar

Gelieve je mail te bekijken voor een link om je account te activeren.

Klaar om de bevraging voor jouw stad in te vullen?